Home » Artikelen » 4 spelletjes om spelenderwijs te oefenen met spelling

4 spelletjes om spelenderwijs te oefenen met spelling

Datum: 24 september 2018

Wie houdt er nou niet van een spelletje? En hoe mooi is het als je spelenderwijs ook nog wat kunt leren?  In dit artikel krijg je vier ideeën om spelenderwijs met spelling bezig te zijn: thuis, in de klas of binnen de dyslexiebehandeling.

1. Het spel met de bel

Wie kent het spel met de bel niet? De ‘echte’ naam van dit spel is Halli Galli en het wordt veel gespeeld. Het belletje kun je ook leuk op andere manieren gebruiken. Zo kun je bijvoorbeeld een spellingcategorie of een spellingregel centraal stellen. Zit de afgesproken regel / categorie in het woord? Sla dan op de bel! Wie als eerste op de bel geslagen heeft, verdient een punt.

Voorbeeld: we oefenen vandaag woorden met de /eu/. Er worden woorden genoemd, zoals buik, deuk, kuur, vuur, spreuk, muis etc. Hoor je een /eu/ in het woord, wees er dan snel bij en sla op die bel. Wie heeft er aan het eind de meeste punten?

2. Ren je rot

Stoepkrijt – wie heeft er niet mee gespeeld? Maar je kunt hier ook leuke spelletjes mee doen! Maak verschillende vakken met daarin een letter. Krijt de vakken met een ruime afstand tussen elkaar. Noem een letter en laat de kinderen zo snel mogelijk naar het juiste vak met de bijbehorende letter rennen. Zo kun je de klanktekenkoppeling (het koppelen van de klank aan een letter) op een leuke, speelse manier oefenen.

Tip: gebruik vooral de klanken die de kinderen nog lastig vinden, zoals bijvoorbeeld de b en de d. Kies daarnaast klanken die het kind al kent, voor het zelfvertrouwen. Wil je het moeilijker maken, noteer dan bijvoorbeeld verschillende spellingregels in de vakken van krijt. Na het noemen van een woord moet het kind bedenken welke spellingregel er in het woord verstopt zit. Ren gauw! Wie heeft de spellingregel als eerste ontdekt?

3. De tijd vliegt

Stel een spellingcategorie of -regel centraal. Zoek daar woorden bij. Zo kun je bij de regel van de lange klank aan het einde van de klankgroep (op scholen vaak ook wel de regel van de teken- of klinkerdief genoemd) gebruiken. Print woordkaartjes uit. Zorg dat er veel woorden met de desbetreffende regel in voor komen, zoals sla-pen, gro-te, dra-ken, spe-len etc. Maar, zorg ook voor fopwoorden, zoals katten, bakker, stoppen, doeken, duiken, feestneus, rugpijn etc. Het kind moet in een afgesproken tijd, bijvoorbeeld één minuut, zoveel mogelijk woordkaartjes van de desbetreffende regel zoeken. Maar let op, de tijd vliegt! Wie vindt de meeste kaartjes?

4. Ganzenbord

Wat ook leuk is om te doen: ganzenbordspel rondom een spellingcategorie of -regel te spelen. Bijvoorbeeld rondom de regel van de eind -t en eind -d. Je hoort een -t aan het einde van het woord. Maak het woord langer om te horen of je een -t of -d moet schrijven.

Laat het kind bijvoorbeeld eerst een ganzenbordspel maken (vanuit een format, bijvoorbeeld op deze website). Zo is het kind al bewust bezig met de spellingcategorie/-regel. Klaar? Dan kan het spel gespeeld worden!

Gooi met een dobbelsteen en ga met je pion naar het desbetreffende vakje. Bedenk hoe het woord geschreven moet worden. Heb je het woord goed geschreven, dan mag je een extra stapje vooruit. Wie is er het eerst bij de finish?

Om een idee te geven heb ik alvast een voorbeeldje gemaakt.

Durf jij de uitdaging aan? Speel de bovenstaande spelletjes.
En… mochten jullie nog meer leuke spelletjes weten, laat het me dan vooral weten.
Veel speel- en oefenplezier!

Deel dit artikel
Auteurs

Liesan Vriezekolk

Liesan is orthopedagoog bij Marant Behandelpraktijk. Zij houdt zich bezig met de diagnostiek van dyslexie. Daarnaast ondersteunt zij kinderen met leer- en gedragsproblemen.

Liesan is altijd gemo…

Meer over Liesan Vriezekolk

Laat hier een reactie achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *