Home » Artikelen » Asielzoekerskinderen in de klas; een uitdaging!

Asielzoekerskinderen in de klas; een uitdaging!

Datum: 24 april 2017

Je zult als kind maar vanuit een totaal andere wereld geplaatst worden in een groep met kinderen en volwassenen die je niet kent en van wie je de taal niet spreekt. Momenteel gebeurt het regelmatig: door de komst van vluchtelingen naar ons land krijgen scholen te maken met de instroom van asielzoekerskinderen. Ongeacht het land waar ze vandaan komen en welke (traumatische) ervaringen ze hebben opgedaan is het scheppen van een veilig klimaat een eerste vereiste. Geen gemakkelijke taak voor jou als leraar.

Hoe doe je dat? Hoe zorg je ervoor dat kinderen (weer) vertrouwen krijgen in de wereld om hen heen? Dat ze zich veilig voelen en daardoor goed in de groep kunnen functioneren? Het is daarbij belangrijk dat deze kinderen letterlijk goed in hun vel komen te zitten. Motorische spelletjes zijn daarvoor een goed hulpmiddel; ze kunnen bijdragen aan het gevoel van veiligheid.

Op de MOD gingen Monika Franzen en Tineke Boekhorst tijdens hun inspiratiesessie in op de behoeften van vluchtelingenkinderen. Ook leerden de deelnemers motorische spelletjes die ze direct in hun groep konden toepassen.

Een stukje achtergrond

Kinderen van 0 tot 4 jaar oud ervaren via de zintuigen. Bij deze jonge kinderen worden nog geen woorden in het geheugen opgeslagen, maar wel herinneringen. Deze herinneringen kunnen naar boven worden gehaald via de zintuigen: met een geur, geluid, smaak, aanraking of beeld. Als een kind opgroeit in een onveilige situatie, ontwikkelen de hersenen in een overlevingsmodus: het kind is dan ‘geprogrammeerd’ op onveilige omstandigheden. Dit heeft tot gevolg dat het kind constant alert is op gevaar. Ook kan het kind steeds meer neutrale prikkels als bedreigend ervaren, waardoor het interne alarmsysteem overactief wordt. Het kind reageert dan vaak met stressreacties.

Wanneer een kind uit een onveilige situatie zoals een oorlogsgebied of een vluchtelingenkamp wordt gehaald, staan de hersenen nog steeds op de overlevingsstand. Het kind heeft wellicht leerproblemen en problemen met zelfregulatie: hij of zij heeft dan last van woede-uitbarstingen of concentratieproblemen. Daarnaast kan het kind een veranderde sensorische ervaring hebben: doordat de zintuigen niet goed samenwerken, reageert het kind ‘anders’ op de wereld om zich heen.

Wat kun je als leerkracht doen?

Asielzoekerskinderen hebben doorgaans veel behoefte aan veiligheid, structuur en herhaling. Daarnaast willen ze ook graag bewegen en hebben jonge kinderen behoefte aan zintuigelijk en sensopathisch spel. Omdat kinderen de taal nog niet goed beheersen, hebben ze ook behoefte aan visualisering. Het helpt wanneer je de instructie ondersteunt met handgebaren, echte materialen of foto’s.

Hieronder vind je nog een aantal andere tips:

  • Zorg voor structuur in de klas: een duidelijke indeling van de verschillende ‘hoeken’
  • Creëer een rustige hoek in de klas, waar kinderen tot rust kunnen komen
  • Neem de tijd voor persoonlijke aandacht en lichamelijk contact
  • Laat kinderen veel zelf spelen, ontdekken en onderzoeken
  • Zorg voor veel beweegmomenten
  • Bied kinderen gevarieerde activiteiten aan en speel zelf mee
  • Wissel activiteiten regelmatig af, dat bevordert de zelfregulatie
  • Zing samen
  • Doe samen aan yoga of mindfulness-oefeningen

Meer informatie

Wil je meer informatie over de begeleiding van asielzoekerskinderen, of wil je op jouw school zo’n inspiratiesessie organiseren? Neem dan contact op met het team van Het Jonge Kind via jongekind@marant.nl.

Deel dit artikel

Laat hier een reactie achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.