Home » Artikelen » “Cześć. Kan mijn kind hier per direct – over tien minuten – naar school?”

“Cześć. Kan mijn kind hier per direct – over tien minuten – naar school?”

Datum: 26 maart 2018

Hoe een basisschool in Biddinghuizen Poolse nieuwkomers in hun armen sluit

Soms komen wij heel bijzondere scholen en schoolleiders tegen. Bijzonder omdat ze niet terugdeinzen voor tegenslagen, of bijzonder omdat ze geloven in hun eigen kracht en unieke projecten opzetten. In de laatste categorie valt directeur Corrie van ’t Hul van basisschool De Tamarisk in Biddinghuizen. Op haar school zitten sinds een paar jaar kinderen van Poolse ouders. Het was in het begin lastig om de ouders te betrekken bij het onderwijs van hun kinderen. De kinderen zelf kampten met een taalachterstand. Corrie besloot om een vangnet voor deze ouders en kinderen op te zetten en investeerde in een duurzaam resultaat.

We hebben al eerder over het project van Corrie geschreven in het artikel Think global, act local: meervoudige waardecreatie in de praktijk. Als Marant mochten we namelijk aansluiten en het project een tijdje begeleiden. We schreven toen: “Onder onderwijsorganisatie Codenz vallen negen basisscholen in Dronten en Zeewolde. Op een van die scholen zit een aantal leerlingen met Poolse ouders. Deze kinderen hebben ten opzichte van hun klasgenoten een taalachterstand. Om op het niveau van hun klasgenoten te komen, hebben de kinderen extra begeleiding nodig. Maar hoe kan dat gerealiseerd worden?”

Snel een extra stoeltje erbij

Maar laten we bij het begin beginnen. Corrie vertelt dat er een paar jaar geleden ineens Poolse ouders aan de deur van haar school stonden met hun kind aan de hand. Of ze naar school konden? Corrie: “In de omgeving van Biddinghuizen werken veel Poolse arbeidskrachten. Soms kwamen hun gezinnen ook mee naar Nederland. De ouders wisten wel dat de kinderen naar school moesten, maar hadden geen idee hoe het proces – aanmelden, kennismakingsgesprekken – in z’n werk ging. Wij hebben echter een zorgplicht, dus vaak werd er snel een extra tafeltje en stoeltje aangeschoven.”

Corrie merkte al snel dat de Poolse ouders minder betrokken waren en andere verwachtingspatronen hadden. Ze zijn vaak ook niet zo open. Het was sowieso al lastig om met de ouders te communiceren vanwege de taalbarrière, maar dit hielp ook niet. Corrie: “Ik besloot ouderavonden te organiseren, speciaal voor de Poolse ouders. Ik had hierbij hulp van een moeder, een Poolse vrouw die al langer in Nederland woonde en de taal goed beheerst. Zij legde voor mij de contacten met de ouders en haalde ze over om te komen. Ook verschafte zij ouders informatie en beantwoordde ze vragen. Haar hulp was onmisbaar.”

Gedeelde verantwoordelijkheid

Eigenlijk is dit nog steeds een aanloop naar het project. Corrie vertelt dat ze op een gegeven moment besefte dat participatie in de nieuwe woonomgeving, ouderbetrokkenheid en (informatie over) het leren van een nieuwe taal veel eerder gestimuleerd kan worden: namelijk bij het bedrijf waarbij de ouder(s) in dienst gaan. “Ik dacht ineens: dáár zouden ze al over zaken als het consultatiebureau, gezondheidszorg en school geïnformeerd moeten worden. Ik realiseerde me ook dat de taalachterstand van de kinderen niet alleen een kwestie voor de school was, maar voor veel meer organisaties.”

Corrie besluit het groter aan te pakken en zoekt ook de samenwerking met Marant. Rosie van Uden en Jan van Leeuwen, onderwijsadviseurs bij Marant, initiëren een groot overleg. “We hebben samen met andere directeuren, intern begeleiders, het consultatiebureau, een logopedist, een tweedetaalverwervingsspecialist, maatschappelijk werk en de bibliotheek bij elkaar gezeten om te kijken hoe we deze kinderen en hun ouders beter konden ondersteunen. Oog voor elkaar hebben is namelijk een taak voor ons allemaal.” Marant was bij verschillende bijeenkomsten aanwezig en ondersteunde in het verbinden van de verschillende lagen. Corrie: “Ik vond het analytische vermogen van de onderwijsadviseurs heel goed, evenals hun capaciteiten om te kunnen verbinden en te coachen. Je kunt dan even uitzoomen en goed naar de bedoeling van het project kijken, voordat je bepaalde keuzes maakt.”

Hulp op eigen school

Uit de bijeenkomsten en uit het contact met de gemeente bleek dat de leerlingen eventueel naar De Vlieger, een basisschool voor nieuwkomers in het verderop gelegen Dronten, konden. Corrie: “Toen kwam er een nieuw probleem om de hoek kijken: de ouders hadden geen vervoer. We wilden de kinderen graag plaatselijk kunnen helpen. Daarom hebben we een hulpvraag ingediend bij de gemeente op het gebied van tweedetaalverwerving, oftewel ‘Nederlands leren voor anderstaligen’.

We hebben subsidie gekregen en zijn momenteel twee specialisten op dit gebied aan het opleiden. Het is de bedoeling dat zij vervolgens de leerkrachten opleiden, zodat de kinderen van Poolse ouders in de klas beter geholpen kunnen worden en een achterstand snel inhalen. Deze kinderen krijgen ook extra begeleiding op taalgebied van deze specialisten. Ik geloof in deze zet en zie nu al hele positieve resultaten. De kinderen pakken het ontzettend goed op en maken sprongen in hun ontwikkeling. De ouders zijn ook beter benaderbaar.”

Kenmerkend voor Corrie is dat ze altijd denkt in mogelijkheden. “Het gaat mij niet om zoveel mogelijk kinderen en dus schoolgeld het gebouw in harken, maar om een goede schoolcarrière voor ieder kind. Samen kunnen we dat mogelijk maken!

Meer informatie

Worstelt jouw school ook met een ‘harig vraagstuk”? Onze adviseurs denken graag met je mee! Neem voor meer informatie contact op met Rosie van Uden (e-mail / 06 154 596 87) of Jan van Leeuwen (e-mail / 06 20 41 97 40).

 

Deel dit artikel
Auteurs

Judith Bosch

Judith Bosch is bedrijfsjournalist bij Marant. Als onderdeel van de Marketing en Communicatie-afdeling schrijft en redigeert ze teksten, blogs en informatieve uitingen als flyers en folders. Daarna…

Meer over Judith Bosch

Laat hier een reactie achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *