Home » Artikelen » Waarom is rijmen voor kinderen met dyslexie zo lastig? [Tips]

Waarom is rijmen voor kinderen met dyslexie zo lastig? [Tips]

Datum: 21 november 2017

Met Sinterklaas in het land rijmen we er weer heerlijk op los.
Heb je dyslexie? Dan ben je de klos.
Want dat rijmen is zo makkelijk nog niet,
je bent niet ineens een rijm-piet.

Wat is dat toch met rijmen? Waarom vinden veel kinderen met dyslexie dat zo lastig? In dit artikel leg ik uit welke vaardigheden je nodig hebt om goed te kunnen rijmen en hoe je die vaardigheden traint.

Kunnen rijmen

Op jonge leeftijd kunnen kleuters vaak al rijmen. Dit leren ze vooral door versjes en liedjes. Ze beschikken al over een gevoeligheid om met klankstukjes om te kunnen gaan. Rijmen geeft indirect iets aan over een gevoel voor taal. Het zegt nog niks over of een kind het woord kan schrijven of de betekenis van een woord kent. Sommige kleuters kunnen ook heerlijk doorrijmen in de meest onzinnige woorden. Goed kunnen rijmen is één van de voorwaarden om te leren lezen. Kinderen met dyslexie hebben moeite met de klankstructuur van een woord. Omdat ze niet goed weten welke klanken samen een woord vormen, zijn ze veel minder gevoelig voor rijm. En juist het kunnen rijmen geeft aan dat een kind zich ervan bewust is dat woorden in stukjes verdeeld kunnen worden en dat verschillende woorden gelijkklinkende stukjes kunnen hebben.

Rijmen kan helpen

Wanneer je je ervan bewust bent dat stukjes in woorden gelijk kunnen klinken, dan helpt dat ook in het snel benoemen van woorden. Neem bijvoorbeeld het zinnetje ‘haaien kun je niet aaien’. Door er alleen al naar te kijken zie je dat er twee keer bijna hetzelfde staat. Het zou dus sneller te lezen moeten zijn dan ‘leeuwen kun je niet aaien’. Kinderen met dyslexie hebben hier veel meer moeite mee. Tijdens onze behandelingen leren we ze de taal eenvoudiger te maken. Dit doen we door symbolen aan klankstukjes te koppelen.

Symbolen en klankstukjes

Het woord ‘leeuw’ bestaat uit twee klankstukken: ‘l’ en ‘eeuw’. We koppelen symbolen aan deze klankstukken: medeklinkers (zoals de ‘l’) krijgen een < en viertekenklanken (zoals ‘eeuw’) krijgen het symbool IIII. Op deze manier maken we de klankstructuur een beetje eenvoudiger.  Je hoeft nu niet alle letters apart te lezen bij het woord ‘leeuw’, om vervolgens na lang worstelen en stoeien met het woord bij leeuw uit te komen. Het heeft slechts twee klanken en niet vijf letters. Dat scheelt een hoop! Door symbolen aan klanken te koppelen maken we het eigenlijk een stukje eenvoudiger. Het helpt kinderen ook bij woorden zoals boom. De ‘oo’ is een lange klank, we noteren hierbij een lang streepje, dus je leest hem ook lang. Boom bestaat daardoor uit drie klanken en niet uit vier letters.

Aan de slag: oefenen met rijmen

Rijmen is belangrijk. Veel kleine kinderen rijmen vooral uit hun hoofd. Bij kinderen met dyslexie kun je ook op papier rijmen of met behulp van plaatjes. Begin klein, met korte woordjes die bekend zijn bij het kind.

muis-huis
steen-been
kat-rat
schaap-slaap
muur-vuur

Maak het inzichtelijk door de stukjes van het woord die hetzelfde zijn en rijmen een kleurtje te geven. Je kunt op internet ook rijm werkbladen vinden, met bijvoorbeeld een rijtje met vijf plaatjes waarbij het woord van één van de plaatjes niet rijmt.

Bron: starterset rijmen van jufsanne.com

Sinterklaasgedicht

Blijf vooral wel rijmen. Mijn collega Maaike Strating schreef vorig jaar vijf sinterklaasgedichten tips voor leeshaters. In dit artikel geeft ze een aantal tips om ook voor kinderen die écht niet van lezen houden een leuk gedicht te schrijven.

Blijf dus vooral lekker rijmen met elkaar,
Ook al is het soms een beetje zwaar.
We helpen elkaar!

Deel dit artikel
Auteurs

Sonja Bruggeman

Sonja Bruggeman is unitmanager en relatiemanager bij Marant Behandelpraktijk. Na een aantal jaren vooral op uitvoerend niveau te hebben gewerkt, richt ze zich tegenwoordig meer op het coachen van a…

Meer over Sonja Bruggeman

Laat hier een reactie achter:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *